Voorwoord

Hoe Facebook uw data misbruikt: nog maar het topje van de Zuckerberg

Toen op 12 en 13 oktober 2017 voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel de pleidooien werden gehouden in de zaak van de Privacycommissie tegen Facebook (België, Ierland, V.S.) wisten we nog niet wat nu - op vandaag einde maart 2018 - geweten is (Cambridge Analytica).

Stapels papier en argumenten moesten de rechtbank verhinderen om de grond van de zaak te onderzoeken. De rechters moesten zich door een muur van procedurele obstakels ploeteren om tot de essentie van de zaak te komen.

Uiteindelijk moest er toch nog even gepleit worden over de inhoudelijke bezwaren. En dat werd op een drafje afgewerkt … want … er was niets aan de hand. Enkele verbeterpunten niet te na gesproken (waartoe men zichzelf al had uitgenodigd om dat constructief te bespreken…) was Facebook een toonvoorbeeld van transparantie en zorgzaam omgaan met de persoonsgegevens van haar miljoenen leden en gebruikers.

De Brusselse rechtbank van eerste aanleg heeft in het vonnis van 16 februari 2018 niet alleen vakkundig alle procedurele muren afgebroken en opgeruimd maar is ook tot de kern van de zaak gekomen en heeft een exemplarisch vonnis geveld. Dit moet de basis vormen voor verdere acties, samen met onze Europese collega’s - ten overstaan van Facebook, uiteraard - maar ook naar andere verantwoordelijken voor verwerkingen van persoonsgegevens. Facebook heeft in haar verdediging steeds aangeklaagd dat zij niet de enigen waren die persoonsgegevens op dergelijke, door de Privacycommissie aangeklaagde, wijze verwerkten. En ze hadden én hebben een punt. Niet alleen zijn er andere sociale netwerken (al blijft er eigenlijk bijna niets meer over en is het niet overdreven om van een quasi monopolie-positie te spreken) maar ook tal van andere organisaties, ondernemingen en verwerkers van persoonsgegevens collecteren gulzig en zonder deugdelijke voorlichting van de burger diens gegevens, ook gevoelige of bijzondere data.

De Privacycommissie heeft dit nooit verbloemd: reeds in de aanbeveling van 13 mei 2015 naar Facebook is er een tweede luik met aanbevelingen die zich richten naar de gebruikers van diensten en producten van Facebook. De bedoeling van dit tweede pakket aanbevelingen was het inlichten van deze zeer grote groep gebruikers van Facebooktools: wat zijn de consequenties wanneer je voor een webapplicatie de ‘social plug-ins’ gaat gebruiken. Eigenlijk weten de meeste gebruikers van die diensten niet eens dat zij daarmee het informatienetwerk van Facebook stelselmatig vullen met tal van info over de eindgebruiker, de burger. Die informatie stelt Facebook meer en meer in staat om op een fijnmazige gerichte manier de consument gepersonaliseerde reclame toe te sturen. De ironie van het lot is dat de al zeer geteisterde advertentiemarkt in Europa veelvuldig gebruik maakt van die producten van Facebook waardoor zij in staat is om performantere reclameboodschappen door te sturen dan de klassieke adverteerders. Door het gebruiken van onder meer de ‘social plug-ins’ bezorgen zij aan Facebook de informatie die haar toelaat om de concurrentie uit te schakelen. En werken zij ook mee aan het illegaal verzamelen van persoonsgegevens.

Een tweede reeks van aanbevelingen van 12 april 2017 was dan ook niet alleen gericht naar Facebook maar ook naar die gebruikers en ditmaal werden ook een aantal onder hen uitgenodigd op de Privacycommissie en gehoord over die samenwerking. Het was vrij onthutsend te moeten vaststellen dat zelfs belangrijke spelers eigenlijk (zoals nieuwswebsites) geen besef hadden van de reële draagwijdte van de werking van het verzamelsysteem. Het vonnis van 16 februari 2018 is ook voor deze grote groep gebruikers hier in België van groot belang. Het zal nog heel wat werk vragen om die boodschap te verspreiden en gedaan te krijgen dat komaf wordt gemaakt met het heimelijk verzamelen van persoonsgegevens.

Want inderdaad, Facebook was niet alleen. Maar zij zijn de grootste. Zij zijn het ook die de standaardsetting bepalen en de markt dwingt om hen te volgen. Dat is dan ook meteen de voornaamste redenen om in eerste instantie de voortrekker aan te pakken.

Handtekening voorzitter

Willem Debeuckelaere

Voorzitter

Vorige pagina Volgende pagina
Terug naar boven