Gevoelige vragen stellen van de sollicitant

De Privacywet verbiedt in principe de verwerking van gevoelige gegevens.

Hiermee worden de volgende soorten van gegevens bedoeld: 

  • ras;
  • politieke opvattingen;
  • godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuigingen;
  • lidmaatschap van een vakvereniging;
  • seksuele leven.

Dit verbod is er omwille van het uiterst gevoelige karakter van deze gegevens en de mogelijke schade die ongecontroleerd gebruik van deze gegevens kan veroorzaken ten nadele van sollicitanten. Op dit principieel verbod bestaan er evenwel uitzonderingen. In een arbeidsrelatie mag een verwerking van dergelijke gevoelige gegevens uitzonderlijk wel wanneer dit voor de werkgever noodzakelijk is om zijn specifieke verplichtingen en rechten met betrekking tot het arbeidsrecht  te kunnen uitvoeren.

Etnische registratie van sollicitanten

De Privacywet verbiedt de verwerking van gevoelige persoonsgegevens, bijvoorbeeld persoonsgegevens waaruit de raciale of etnische afkomst blijkt. De werkgever mag deze gegevens enkel verzamelen en gebruiken als hij zich kan beroepen op één van de in de Privacywet vermelde uitzonderingen op het verbod, bijvoorbeeld als dit is toegelaten door een andere wet.

De werkgever moet in dat geval vanzelfsprekend wel alle voorwaarden en verplichtingen nakomen die beschreven worden in de Privacywet. Anders gezegd, de werkgever mag die etnische gegevens gebruiken zodat hij er in zijn personeelsbeleid rekening mee kan houden dat hij voldoende mensen aanwerft van een andere nationaliteit, zodat eenieder gelijke kansen krijgt op de arbeidsmarkt. Die etnische persoonsgegevens  mogen naderhand wel niet gebruikt worden voor een ander doel dan het doel dat beschreven is in de wetgeving die de wetgever toelaat om etnische persoonsgegevens te verwerken. Bovendien moet de werkgever - omdat hier gevoelige persoonsgegevens worden verzameld - aan de sollicitant meedelen op welke wet hij steunt om naar zijn etnische afkomst te vragen.

Wanneer de werkgever zich niet op een wetgeving beroept, dan mag hij etnische gegevens enkel gebruiken als hij daarvoor de expliciete toestemming van de sollicitant heeft. In dit geval moet de werkgever de sollicitant vooraf laten weten waarom hij zijn etnische afkomst wil kennen en wie er later daarvan zal worden ingelicht.

De Autoriteit heeft in dat verband ook 3 adviezen uitgebracht:

  • advies nr. 07/2006 van 22 maart 2006 betreffende het project “monitoring kansengroepen” in het personeelsbestand van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap beheerd via het Vlimpers-systeem,
  • advies nr. 05/2008 van 27 februari 2008 betreffende de monitoring van kansengroepen in de schoot van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding en
  • advies nr. 16/2012 van 2 mei 2012 over een project om persoonsgegevens in te zamelen uit het personeelsbestand van het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van het beleid inzake Gelijke kansen en Diversiteit.

Vragen naar politieke opvattingen en godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuigingen van sollicitanten

Vragen naar een politieke opvatting of een geloofsovertuiging is en blijft een verwerking van een gevoelig gegeven  en volgens de Privacywet is de verwerking van zulke informatie  verboden, bijvoorbeeld opslaan in een dossier dat iemand katholiek is en wekelijks naar de mis gaat.

Maar de Privacywet maakt wel een uitzondering. Het verbod is namelijk niet van toepassing wanneer de verwerking wordt verricht bij een aanwervingsprocedure gevoerd door een vereniging die werkzaam is binnen de politiek, vakbond of ziekenfonds, of als het gaat om een religieuze of levensbeschouwelijke instelling. In deze situatie heeft de vraag naar politieke opvatting of religieuze overtuiging immers te maken met de aard en de uitoefeningsvoorwaarden van de functie. Het is dus bijvoorbeeld logisch dat aan een kandidaat-leerkracht katholieke godsdienst bij een katholieke school mag worden gevraagd of hij het katholieke geloof aanhangt.

Vragen naar het lidmaatschap van een vakvereniging bij een sollicitatie

Het lidmaatschap van een vereniging (en de rol die de sollicitant daarin speelt) die op politiek, levensbeschouwelijk, godsdienstig, mutualistisch of vakbondsgebied werkzaam is, is volgens de Privacywet een gevoelig gegeven. In principe is het verboden dergelijke gegevens op te vragen en te verwerken, ook wanneer de werkgever het maatschappelijk engagement van een sollicitant wenst te kunnen beoordelen. Dit betekent immers een onevenredige inmenging in de privacy van de sollicitant.

Indien de werkgever een tendensonderneming is (bijvoorbeeld een politieke partij, een vakbond, een ziekenfonds, …), is de vraag naar en de eventuele verwerking van dit gegeven wel verdedigbaar. Dergelijke organisaties – die vertrekken vanuit een duidelijke syndicale, politieke of religieuze  visie – mogen eisen dat hun leden loyaal zijn aan deze uitgangspunten. Minstens mag gevraagd of gepolst worden of de sollicitant de syndicale, politieke of religieuze grondslag waarop de organisatie is gebaseerd ondersteunt.