Andere gevoelige gegevens

Naast gezondheidsgegevens en gerechtelijke persoonsgegevens voorziet de Privacywet in nog een reeks van gevoelige gegevens.

Meer bepaald handelt het over persoonsgegevens als daaruit de raciale of etnische afkomst, de politieke opvattingen, de godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging of het lidmaatschap van een vakvereniging blijken, alsook persoonsgegevens die het seksuele leven betreffen.

De Privacywet stelt dat de verwerking van deze persoonsgegevens in principe ook verboden is.

Nochtans dient de werkgever bepaalde gevoelige gegevens van zijn werknemers te verwerken in het kader van zijn personeelsadministratie. Gelet op de arbeidsrelatie zijn dan ook enkele uitzonderingen mogelijk op dit principiële verwerkingsverbod.

Een eerste uitzondering is als de werknemer zijn schriftelijke toestemming verleent met dien verstande dat de betrokken werknemer deze toestemming altijd kan intrekken. Normaal is een schriftelijke toestemming niet voldoende aangezien de werknemer zich in een afhankelijkheidsrelatie bevindt. De werknemer staat immers onder het gezag van de werkgever (die verantwoordelijke voor de verwerking is). Een verwerking op basis van de toestemming van de werknemer is daarom enkel mogelijk als de werknemer er een voordeel door verkrijgt. Zo kan een werkgever etnische of raciale gegevens uitzonderlijk verwerken als deze de positieve discriminatie van etnische of raciale minderheden op de werkvloer tot doel hebben.

Een andere mogelijke uitzondering is als de verwerking van deze gevoelige gegevens noodzakelijk is met het oog op de uitvoering van specifieke verplichtingen en rechten van de verantwoordelijke voor de verwerking (met name de werkgever) met betrekking tot het arbeidsrecht. Voorbeelden zijn de toepassing van de reglementering inzake politiek en syndicaal verlof, de regeling inzake klein verlet (bijvoorbeeld plechtige communie gezinslid) of de verwerking van het lidmaatschap van een vakbond bij de organisatie van de sociale verkiezingen.